Autismespectrumstoornis

Dit woonproject is speciaal opgezet voor jongvolwassenen (instroomleeftijd 18 tot 30 jaar) met autismespectrumstoornis. Het betreft hier een groep jongvolwassenen die in meer of mindere mate begeleiding nodig hebben in hun dagelijks leven. Grasboom Veenendaal wil samen met hen een optimale leefomgeving ontwikkelen, waarin elke bewoner zich thuis kan voelen en kan uitgroeien naar meer zelfstandigheid.

Wat is Autisme?    images (1)

Autisme is een prikkel- en informatieverwerkingsstoornis in de hersenen. Daardoor verloopt het verwerken van zintuiglijke prikkels en mondelinge of geschreven informatie anders dan bij mensen zonder autisme. Het meest opvallende daaraan is dat mensen met autisme veel aandacht hebben voor details, maar de samenhang en betekenis daarvan niet zien. Daardoor kost het hen veel moeite om de wereld om zich heen te begrijpen. Peter Vermeulen, een bekende Vlaamse autismedeskundige, noemt dit ‘contextblindheid’. Dat gegeven heeft ingrijpende gevolgen op alle levensgebieden. Vanwege dat doordringende en overheersende karakter wordt autisme ook wel een ‘pervasieve ontwikkelingsstoornis’ genoemd.

Kenmerken van autisme

Doordat mensen met autisme prikkels anders waarnemen en interpreteren, verwerken ze informatie anders en hebben ze moeite met het begrijpen van de wereld om zich heen. Dat leidt vaak tot verwarring, misverstanden, angst en frustratie. Hun beperkte vermogen om zich in gedachten iets voor te stellen of zich in anderen in te leven leidt tot problemen in het contact met andere mensen. Verder vallen mensen met autisme vaak op door beperkte en zich herhalende patronen in hun gedrag, belangstelling en activiteiten. Deze patronen vervullen voor hen een belangrijke functie omdat ze overzicht, veiligheid en rust geven in een wereld die zij als chaotisch, onveilig en onrustig ervaren. Ook al is iedereen met autisme anders, kennis van de belangrijkste algemene kenmerken van autisme en wat die in de praktijk kunnen betekenen, biedt aanknopingspunten voor de begeleiding. Omdat deze kenmerken alles te maken hebben met de informatieverwerking-de cognitie: de manier van kennis nemen van de wereld -worden ze in de vakliteratuur en In trainingen vaak cognitieve stijlkenmerken genoemd.  

Omgang en relaties met anderen images

Mensen met autisme hebben moeite het gedrag van anderen te begrijpen. Dat komt doordat de omgeving -de context -mede de betekenis van het menselijk gedrag bepaalt. Juist die context ontgaat mensen met autisme vaak, omdat zij sterk gericht zijn op details. Bovendien hebben zij moeite om informatie algemeen toe te passen, met andere woorden: te generaliseren. Als de precieze betekenis van het gedrag van anderen hen ontgaat, is het voor mensen met autisme moeilijk te bepalen hoe zij op anderen moeten reageren. Nonverbaal gedrag begrijpen ze vaak niet. Ook vinden ze het moeilijk om relaties aan te gaan met leeftijdsgenoten. Ze beleven vaak geen spontaan plezier aan het contact met anderen of aan het ondernemen van activiteiten. Mensen met autisme hebben dan ook vaak puur functioneel contact met anderen.

In de praktijk zijn mensen met autisme in vier groepen te verdelen:

  • degenen die zich actief van anderen isoleren
  • degenen die passief zijn in hun contacten met anderen
  • degenen die actief zijn in hun contacten met anderen, maar dat in de ogen van anderen op een nogal vreemde manier doen
  • degenen die hun gedrag tegenover anderen aangeleerd hebben en daardoor opvallend formeel overkomen.

Communicatie

Communicatieproblemen van mensen met autisme komen voort uit meer of minder gestoorde taalontwikkeling of hebben te maken met problemen in de informatieverwerking. Van verbale en non-verbale aspecten van de communicatie zoals taal, gezichtsuitdrukkingen, gebaren en toon, begrijpen zij vaak de bedoeling niet. Ze nemen wat anderen zeggen dikwijls heel letterlijk. Afhankelijk van hun taal-ontwikkeling kunnen zij in de communicatie op een dwaalspoor raken door uitdrukkingen en gezegden. Sommige mensen met autisme hebben juist een uitgebreide taalkennis, maar vallen weer op door het bijzondere gebruik ervan. Ook zij hebben vaak moeite met communiceren en met abstract taalgebruik.

Verbeeldend vermogen

Mensen met autisme hebben binnen een bepaald interessegebied vaak een opvallend oog voor  details en een uitstekend geheugen voor historische of technische feiten of voor plattegronden. Daardoor kunnen mensen met autisme en een normale tot hoge intelligentie bijvoorbeeld goed overweg met computers en hebben ze een grote, maar selectieve kennis van bepaalde onderwerpen zoals vogels, treinen, vakantielanden of steden. Ook raken mensen met autisme soms betrokken bij wetenschappelijk onderzoek en technische vernieuwingen. Anderen blinken juist uit in muziek of beeldende kunst. De keerzijde van die sterke aandacht voor details is dat mensen met autisme vaak moeite hebben om overzicht te krijgen over situaties en processen en om zich een voorstelling te maken van toekomstige en denkbeeldige situaties. Hoewel ze vaak goed zijn in logisch denken, is abstract redeneren juist een zwak punt. Het gebrek aan overzicht betekent in de praktijk dat ze meestal niet goed kunnen plannen en organiseren. Ze hebben vaak geen idee welke stappen ze in welke volgorde moeten zetten om iets voor elkaar te krijgen. Met hun intelligentie heeft dit niets te maken. Wel hangt het van hun intelligentie af of ze systemen kunnen aanleren om meer overzicht van en greep op het verloop van gebeurtenissen te krijgen. 

Patronen in gedrag en interesses

In het verlengde van het gebrek aan verbeeldend vermogen en het niet zelf kunnen bedenken van situaties of oplossingen, ontwikkelen mensen met autisme vaak opvallende patronen in gedrag en
AutismeInfantileLogoBleuinteresses. Ze gaan dan bijvoorbeeld drie keer per week naar de film en hebben daarbij een sterke voorkeur voor een bepaald genre, bijvoorbeeld fantasy. Wanneer de intensiteit en duur van deze interesse bovenmatig is en moeilijk af te remmen, is er sprake van een preoccupatie. Deze beperkte belangstelling kan op de buitenwereld een dwangmatige indruk maken, maar is in werkelijkheid vooral een teken dat iemand veiligheid, overzicht, zekerheid en plezier zoekt. De oorzaak van preoccupaties ligt vooral in de hinder en stress die het gevolg zijn van problemen met de zintuiglijke prikkelverwerking. Mensen met autisme kunnen last hebben van sensorische overgevoeligheid, bijvoorbeeld voor geluid, licht of geur. Ook komt het voor dat zij bepaald voedsel niet in hun mond kunnen verdragen of niet tegen aanraking door anderen kunnen.

 Vormen van autisme

De verschillende vormen van autisme samén worden volgens de classificatie van psychiatrische aandoeningen, de DSM-IV-TR, aangeduid met de term Autismespectrumstoornissen (ASS). Tot dat spectrum worden, in aflopende sterkte, de volgende vormen van autisme gerekend:

  • Klassiek autisme
  • Stoornis van Asperger
  • Pervasive Development Disorder Not Otherwise Specificied (PDD-NOS)
  • Multiplex Complex Developmental Disorder (MCDD)

Ouders en deskundigen plaatsen bij deze officiële indeling vaak de kanttekening dat het voor begeleiding en behandeling belangrijker is om naar het functioneren van de individuele mens te kijken dan naar het ‘label’ dat hij volgens deze classificatie heeft gekregen.

Bronvermelding:

Wonen met Autisme, werkboek voor begeleiders, een uitgave van RIBW Alliantie, in samenwerking met de Nederlandse Vereniging voor Autisme en het Dr. Leo Kannerhuis 2009.